,,Bij Futura werd ze geweldig verzorgd”

Tante Jos’ had geen kinderen, maar was toch de mater familias

VAN WIEG TOT GRAF | Dat Jos en haar echtgenoot Leen nooit kinderen hebben gekregen, heeft altijd een stempel gedrukt op hun leven. Dankzij de grote schare neven en nichten werd ‘tante Jos’ de spil van de familie. Deze week in de rubriek Van Wieg tot Graf het verhaal van Jozina Ramp-Hogendoorn (1928 – 2019).

Jos was de oudste en enige dochter in een gezin met nog vier jongens. ,,Mijn vader had een schildersbedrijf in Boskoop’’, vertelt haar 10 jaar jongere broer Aat.

Een muzikaal gezin, waar werd gezongen en piano werd gespeeld. ,,Mijn moeder was sopraan en mijn vader was eerste tenor bij het mede door hem opgerichte Die Gouwe Sanghers. Dankzij de muziek heeft Jos haar man Leen Ramp leren kennen. Hij was boomkweker, en eveneens muzikaal. Hij speelde piano bij verschillende koren.’’

Jozina – ‘tante Jos’ – Ramp-Hogendoorn. © Familie Hogendoorn

Jos zong, net als haar moeder, in het christelijk gemengd koor Hosanna. Aat: ,,Dat was een heel goed koor, met een beroepsdirigent. Ze deden vaak uitvoeringen en de repetities werden vaak bij ons thuis voorbereid.’’

Volgens Aat had Jos een mooie alt-stem. ,,Ze was heel stemvast. De andere koorleden stonden graag bij haar in de buurt. Dat gaf vertrouwen.’’

Op 31 januari 1951 trouwde Jos met Leen. ,,Dat was zowel een feestelijke als een verdrietige dag.’’ Aat vertelt dat Leen had besloten om te emigreren naar Engeland. ,,Na het feest werd meteen ingepakt en moest afscheid worden genomen. Vooral voor mijn moeder was dat vreselijk.’’

Leen werd franchiser op een rozenkwekerij. Hoewel Jos en Leen veel vriendschappen hebben opgedaan in Engeland en er een rijk sociaal leven hadden, knaagde de heimwee naar Nederland. Ze misten de familie.

,,Na vijf jaar kwamen ze terug naar Boskoop en werd Leen zelfstandig boomkweker aan de Biezen.”

,,Jos heeft altijd meegewerkt”, gaat Aat verder. ,,Ze hadden het goed, maar wij hadden thuis nog vier broers en die kregen 11 kinderen. Leen kwam uit een gezin van acht kinderen en daar kwamen 17 neven en nichten. Bij henzelf kwamen er tot hun grote verdriet geen kinderen.”

Aat zegt dat de kinderen uit beide families altijd welkom waren bij Jos en Leen. ,,Als er iets was, zei Jos altijd: ‘kom maar bij ons’. De neven en nichten kleurden hun leven, maar er was altijd weer een groot verdriet als de kinderen weer weg gingen.’’

Familiebanden

Hoe stevig de familiebanden waren blijkt wel uit het feit dat toen Aat met zijn gezin met de caravan was neergestreken op een camping bij Lugano, binnen de kortste keren ook de rest van de familie en zelfs de familie van Leen zich bij hen voegden. ,,We hadden allemaal een caravan, ook Jos en Leen. Die vakanties waren hoogtepunten in de jaren 60.”

In 2001 overleed Leen aan de ziekte van Kahler. ,,Voor zijn overlijden moest ik bij hem komen en hem beloven voor Jos te zorgen als hij er niet meer was. Ik heb 17 jaar intensief voor haar gezorgd.”

Eerst bleef Jos alleen achter op het complex aan de Biezen. ,,Dat was veel te groot. Uiteindelijk kocht ze een appartement aan de Koninginneweg. Vorig jaar juni merkte ik dat het niet goed met haar ging. Gelukkig hebben we een geweldige familie. Ik schakelde een paar nichtjes in die ervaring hebben in de zorg en zo kwamen we bij Futura in Boskoop terecht.”

Begrip

Aat vertelt dat ze daar niet zo blij mee was en dat ze in eerste instantie dacht dat het maar tijdelijk was. ,,Bij Futura werd ze geweldig verzorgd”, gaat hij verder, ,,Ze liep met een rollator, maar toch is ze gevallen en heeft ze haar heup gebroken. Daar moest ze aan geopereerd worden. Ze is nooit meer uit de narcose gekomen.”

Tante Jos was een begrip. Aat: ,, Elk jaar gaf ze een nieuwjaarsborrel voor de hele familie. Die werd steeds groter, want later kwamen ook de kinderen van de neven en nichten erbij. Op het laatst huurde ze een zaaltje. Ze genoot ervan. Ze was de lievelingstante van alle neven en nichten.”

Bron: AD.nl